Home » Congres » Terugblik 2018

Terugblik 2018

FOTO’S JAARBIJEENKOMST 2018

 

BEZOEKERSLIJST

Bekijk hier wie de Jaarbijeenkomst op 20 september 2018 heeft bezocht.

DAGVERSLAG

Nog even de hoogtepunten teruglezen of door omstandigheden niet aanwezig kunnen zijn? Hier lees je de hoogtepunten van de presentaties van onze sprekers.

Guido van Beek: “Woningnieuwbouw bereikt productieplafond op 72.500 woningen in 2020”

Download hier de presentatie

BouwKennis maakt vier keer per jaar ramingen van de nieuwbouwproductie van woningen en utiliteitsgebouwen. Daarbij wordt twee jaar vooruitgekeken. Senior marktanalist Guido van Beek gaf een toelichting op de visie van BouwKennis op de nieuwbouwproductie tot en met 2020. “We groeien, maar het capaciteitsplafond nadert snel”, is de kernboodschap.

Economische groei over top heen
“De Nederlandse economie bloeit. We hebben de afgelopen jaren een fors herstel doorgemaakt na de diepe recessie tijdens de financiële crisis. De economische groei zal de komende jaren wel vertragen, alhoewel we nog forse groeipercentages zullen noteren. De groei wordt zeer breed gedragen: de export, binnenlandse consumptie, investeringen en overheidsbestedingen dragen allemaal bij aan deze groei.”

Maar we ondervinden ook de gevolgen van het snelle herstel na de diepe recessie, stelt Van Beek. “De werkloosheid staat inmiddels op een zeer laag niveau. Ongeveer iedereen die wil werken, is ook aan het werk. Bedrijven krijgen vacatures nauwelijks vervuld. Het gebrek aan geschikt personeel speelt door de hele economie heen, maar niet in de laatste plaats in de bouwsector. De arbeidstekorten zullen de groeimogelijkheden bij bedrijven in de komende jaren dan ook inperken.”

Neerwaartse risico’s zijn er ook: “Een belangrijke steunpilaar onder de groei is natuurlijk het zeer ruime monetaire beleid van de ECB. Dit heeft gezorgd voor een overschot aan krediet en bijgevolg lage renteniveaus. Veel economen wijzen er daarom ook op dat ons herstel ‘geleend’ is en dat zware hervormingen ook in de toekomst ook noodzakelijk zullen zijn. De rente zal de komende jaren weer langzaam gaan stijgen. Verder zijn er natuurlijk de Brexit en de handelsoorlogen van Trump.”

Vastgoedmarkt: gemengd herstel
De effecten van de bloeiende economie gaan zeker niet voorbij aan de vastgoedmarkt. Van Beek legt uit: “Een ontwikkeling die een omvangrijke impact heeft op de nieuwbouwmarkt is de groei van e-commerce. Het is algemeen bekend dat de online bestedingen fors groeien. Momenteel wordt ongeveer 10% van de detailhandelsbestedingen online gedaan. De jaarlijkse groeipercentages liegen er ook niet om: tegen de 20% groei per jaar.”

Deze ontwikkelingen hebben een forse impact op de planvoorraad van nieuwbouw en renovatie. Van Beek licht toe: “Het aantal winkelvastgoedplannen is fors gedaald, terwijl er juist een grote stijging te zien is bij logistiek vastgoed, oftewel distributiecentra. Tussen 2010 en nu is de planvoorraad winkels gedaald van circa 4 miljoen m2 naar 1 miljoen m2. In diezelfde periode neemt de planvoorraad logistiek vastgoed toe van circa 1 miljoen m2 tot 5 miljoen m2. Een forse verschuiving tussen deze twee gebouwsegmenten dus.”

Utiliteitsnieuwbouw: marktsector trekt flink aan
De economische situatie en de vastgoedtrends hebben een duidelijke impact op het bouwvolume in de marktsector. Drie sectoren springen eruit als het gaat om een stijging van de vergunningverlening op jaarbasis: de industrie, handel en horeca en vervoer en communicatie. Dit hangt samen met de grote vraag naar distributiecentra, hallen en loodsen, kleinere bedrijfsunits en hotels.

“De utiliteitsnieuwbouw zal de komende jaren groeien van € 3,5 miljard naar € 4,1 miljard”, somt Van Beek op. “Deze groei komt volledig tot stand door groei van de marktsector. Hier nemen de groeipercentages wel af, in lijn met de afnemende economische groei. Het moment van de uitbreidingsvraag is nu. De budgetsector blijft grofweg stabiel. In 2020 zal de budgetsector wel een relatief groeipercentage noteren, maar het gaat in absolute zin om een klein volume.”

Woningbouwmarkt: belemmeringen en strategisch gedrag
“De situatie op de woningmarkt is op z’n zachtst gezegd ongezond”, gaat Van Beek verder. “De vraag is zeer groot en we zien onvoldoende reactie in het aanbod. We hebben 1 miljoen nieuwbouwwoningen nodig tot en met 2035, wat het kabinet heeft vertaald naar 75.000 woningen per jaar. De woningbouwmarkt is zeer prijsinelastisch, dus de gestegen prijzen leiden niet tot onvoldoende reactie in het aanbod van nieuwe woningen. In plaats daarvan wordt de markt vooral gestuurd door belemmeringen en strategisch gedrag.”

“Gemeenten hebben een voorkeur voor binnenstedelijk bouwen, terwijl ontwikkelaars juist veel grondposities in de wei hebben. Grondbedrijven lijken nu juist te sturen op winstmaximalisatie, terwijl de markt nu snel nieuwe woningen nodig heeft. Daarnaast zijn de grondposities sterk geconcentreerd bij een klein aantal partijen. De top-20 ontwikkelaars heeft bijna de helft van de grondposities en de top-5 zelfs bijna 30%. Dat werkt strategisch gedrag in de hand.”

Er worden te weinig vergunningen aangevraagd. Het aantal verleende vergunningen is tegen een plafond van ruim 70.000 woningen aangelopen, terwijl we 75.000 woningen per jaar nodig hebben. “Het capaciteitsplafond komt nu zeer rap dichterbij”, stelt Van Beek. “Het aandeel bedrijven met een personeelstekort is in het afgelopen jaar verdubbeld.”

Opgeleverde woningen naar 72.500 stuks in 2020
Van Beek: “Het plafond voor de woningnieuwbouw zullen we bereiken in 2020 op 72.500 woningen. We zien nog altijd groei in de opleveringen, maar door het naderende capaciteitsplafond, het strategisch gedrag bij ontwikkelaars en de procedurele belemmeringen bij gemeenten en de winstmaximalisatie bij grondbedrijven is het de vraag in hoeverre er nog ruimte voor verdere groei is. Die 72.500 is wat ons betreft dan ook echt het maximum.”

Van Beek sluit af met een doorkijk naar de toekomst. “Voor 2050 liggen er zware ambities op de horizon. We moeten dan toe naar een volledig circulaire bouwsector en een energieneutrale gebouwde omgeving. De ambities zijn dus groot. Met andere woorden: handen uit de mouwen. U moet het als sector gaan doen. Ik wens u daarbij heel veel succes!”

Marc van Eck: “Met een goed plan vergroot je de kans om je doel daadwerkelijk te bereiken”

De presentatie van Marc mogen we helaas niet delen

Veel mensen vinden plannen maken vervelend, terwijl het volgens Marc van Eck de leukste periode van het jaar zou moeten zijn. Plannen maken gaat over de toekomst creëren. Je kunt afwachten wat je overkomt, maar je kunt ook je droom concreet maken in een goed plan. Dit is zeker geen garantie op succes, maar het vergroot wel de kans dat je je doel gaat bereiken.

Dromen en doen
De basis van een plan is volgens Marc een visie. Met elkaar definiëren wat je wilt bereiken, de stip aan de horizon, is heel belangrijk. Vervolgens is het de kunst om niet bezig te blijven met het verbeteren van het plan, maar om over te gaan tot actie en het plan uit te voeren. Dus bepalen hoe je het wilt bereiken en dit ook doen. Er zijn organisaties die alleen maar bezig zijn met plannen maken (dromen) en organisaties die alleen maar bezig zijn met de praktijk (doen). Een combinatie van visie en actie is volgens Marc het beste om je droom ook daadwerkelijk waar te maken. Zolang je met z’n allen het doel voor ogen houdt en hier samen naartoe werkt, komt het goed.

Kiezen
Keuzes maken doet altijd pijn, dat proberen we dan ook zoveel mogelijk te vermijden. Het is ook een reden waarom we niet tot een goed plan komen, want dat vereist dat je keuzes maakt over wat je wilt bereiken en hoe. Voelt een bepaalde keuze ongemakkelijk? Dan ben je lekker bezig! Het gaat namelijk om het kiezen tussen twee goede ideeën en dan de guts hebben om een van die twee niet te doen. Maak je geen keuze en ga je toch voor beide ideeën, dan ontstaat er versnippering en dus inefficiëntie. Hierdoor zul je ook minder bereiken.

Uitdaging
Stel eerst een doel en bedenk daarna pas hoe je dit gaat bereiken, dan bereik je veel meer, stelt Marc. De mooiste doelen lijken onhaalbaar, maar worden door jou haalbaar gemaakt. Kies een doel dat echt uitdagend is en dat past in het grotere geheel van de organisatie. Kies ook voor de dingen die jij kan beïnvloeden en niet voor de dingen die je niet kunt beïnvloeden. Zorg er daarnaast voor dat er voldoende draagvlak binnen de organisatie is om het plan uit te voeren. Dat doe je door wel richting te geven aan hoe het doel bereikt moet worden, maar door medewerkers voldoende ruimte te geven om het actieplan zelf concreet in te vullen.

Tips
Marc sluit af met een aantal tips. Denk er bijvoorbeeld aan dat je doel een combinatie is van datgene dat je leuk vindt, datgene dat je goed kan en datgene waarmee je geld kan verdienen. Vermijd nietszeggende woorden als ‘beste’ en ‘optimaliseren’ en kijk ook af en toe terug naar je plan, want lang niet alles wat je hebt bedacht zal in de praktijk goed werken. Evalueer en pas tussendoor aan, maar blijf trouw aan je doel. En de laatste tip: let erop dat alles optelt. Geef aan de bovenkant heel helder richting, zodat alles wat er in de organisatie gebeurt ook klopt met elkaar. Dat zorgt ervoor dat je plan ook daadwerkelijk aanslaat.

 

Saint-Gobain Gyproc wint BouwKennis Marketing Jaarprijs 2018

Het moment was eindelijk daar: de uitreiking van de BouwKennis Marketing Jaarprijs. Ook dit jaar kende deze felbegeerde nationale erkenning voor het meest inspirerende marketinginitiatief in de bouw-, vastgoed- en installatiesector weer verschillende innovatieve inschrijvingen. Zoals elk jaar mochten uiteindelijk drie finalisten hun concept aan het grote publiek tonen op de BouwKennis Jaarbijeenkomst middels een kort videoverslag. Tijdens de finale konden zowel de jury als alle bezoekers van de Jaarbijeenkomst hun stem uitbrengen op één van de drie finalisten; Knauf, Wavin en Saint-Gobain Gyproc. Saint-Gobain Gyproc ging er vandoor met de overwinning met hun innovatieve concept HABITO®.

Enorme professionele waardering
Juryvoorzitter Jarl Langerak (VELUX) gaf op het podium van het theater aan te merken dat het goed gaat in de bouw. Het aantal inschrijvingen voor deze editie van de jaarlijks terugkerende prijs was namelijk iets lager, waarop Langerak beloofde dat de inschrijving volgend jaar nog leuker en makkelijker wordt. Hij noemde de inzendingen van 2018 weer erg leuk qua concept en strategie. Sjoerd Seffinga (Kingspan), die vorig jaar de Jaarprijs in ontvangst nam voor het winnende concept Kingspan Future Proof, gaf in het theater nogmaals aan dat het winnen van de Jaarprijs een enorme professionele waardering is: “Zelfs al zitten hier lang niet allemaal klanten van ons, je merkt dat er gewoon veel enthousiasme is voor dit soort concepten”.

Drie finalisten
Uit alle inzendingen werden vooraf door een vakjury drie finalisten gekozen, dit jaar waren dat Knauf, Wavin en Saint-Gobain Gyproc. De finalisten kwamen na een traject waarin acht genomineerden hun concept in een pitch aan de jury presenteerden als beste uit de bus. De negenkoppige jury beoordeelde deze concepten op onder andere strategie, businessmodel en communicatie. De drie finalisten maakten uiteindelijk een filmpje wat in theater de Kom werd getoond aan het publiek. Hierin vertelden zij over het concept, de totstandkoming ervan en de ontwikkelingen in de markt waar het concept op inspeelt. Voor Knauf was dit het tekort aan (jonge) vakmensen en de aandacht voor het stukadoorsvak onder jongeren, Wavin zette in op het bereiken en ontzorgen van kleine, zelfstandige zzp’ers. Gyproc speelt met HABITO in op wensen van de totale bouwkolom op het gebied van binnenwanden. Nadat het publiek met een app online de stem kon uitbrengen, werd bekend dat Gyproc de winnaar van 2018 was.

HABITO®: het winnende concept
Gyproc heeft met HABITO® een vernieuwend wandsysteem op de markt gebracht, dat alle voordelen van bestaande systemen combineert en alle nadelen wegneemt. Via marktonderzoek en interviews zijn de wensen en eisen van verschillende partijen uit de bouwkolom (o.a. woningnieuwbouwaannemers) en de verschillende klantreizen in kaart gebracht. Hoe dachten zij over binnenwanden, welke eisen stelden ze hier aan en wat misten ze aan de huidige typen wanden? Ook de wensen van bewoners werden meegenomen in de ontwikkeling van de nieuwe gipswand. HABITO® is droog te monteren, kozijnen zonder bovenlicht zijn eenvoudig te plaatsen, het leidingwerk is gemakkelijk aan te brengen en de wand is snel sausklaar op te leveren. Zo is minder afstemming nodig tussen de verschillende bouwdisciplines, wat tijdwinst oplevert voor de betrokken partijen. Voor bewoners biedt de wand gemak en een hoog leefcomfort doordat de wand extreem robuust, stootbestendig en geluidsisolerend is. De HABITO® wand heeft een draagkracht van maar liefst 30 kg per schroef en pluggen zijn niet nodig. Daarnaast is de wand blijvend scheurvrij. Met HABITO® wil Gyproc dan ook een nieuwe standaard zetten in de markt voor binnenwanden. Daarmee is het een waardig opvolger van Kingspan Future Proof als winnaar van de BouwKennis Marketing Jaarprijs 2018. Meer informatie: http://www.gyproc.nl/habito.

Jean-Paul Teyssen: “Focus consistent op tevreden medewerkers en tevreden klanten”

De presentatie van Jean-Paul mogen we helaas niet delen

Carglass wilde top-of-mind zijn wanneer mensen denken aan autoglasschade. Maar ook bekendstaan als een bedrijf met uitstekende service. Om dit te bereiken, besloot Carglass België om in te zetten op customer delight management en de verwachtingen van de klant te overtreffen. Jean-Paul Teyssen stond aan het roer van deze strategie en deelde in zijn presentatie alle ins en outs.

Delighted
De rode draad van de strategie is de ‘Carglass Circle of Success’. Die cirkel begint bij de medewerkers. Wanneer zij tevreden zijn, zullen zij zich beter inzetten om klanten tevreden te stellen. Tevreden klanten zorgen voor meer omzet en dat heeft tevreden aandeelhouders als resultaat. Tevreden aandeelhouders kunnen medewerkers op allerlei vlakken meer bieden, waardoor zij nog tevredener zullen worden en zo gaat de cirkel door. Volgens Jean-Paul zijn er vier categorieën tevredenheid: mensen zijn niet tevreden, gemiddeld tevreden, tevreden of excellent tevreden. Carglass heeft altijd ingezet op excellente tevredenheid, oftwel delighted. Pas als medewerkers en klanten delighted zijn, zijn ze ook emotioneel loyaal en dat is wat je wilt bereiken.

Medewerkers
Hoe zorg je nu voor delighted medewerkers? Hierin is een belangrijke rol weggelegd voor de manier waarop er leiding wordt gegeven in het bedrijf. De twee meest invloedrijke factoren die de effectiviteit van het management bepalen, zijn de toegepaste leiderschapsstijlen en het organisatieklimaat. 52-70% van het organisatieklimaat wordt bepaald door hoe mensen worden gemanaged en het organisatieklimaat bepaalt 30-40% van de resultaten. Je kunt je dus voorstellen dat je door hier op te focussen, een enorme impact kunt hebben op het bedrijfsresultaat.

Meten
Eerst werd met een survey de huidige situatie binnen Carglass in kaart gebracht: hoe dachten de medewerkers over de leiderschapsstijl en over het organisatieklimaat? Dit onderzoek gaf inzicht in de vlakken waarop verbetering nodig was. Vervolgens werd een plan bedacht om van het bestaande demotivating naar een high performance werkklimaat te gaan. Het veranderen van de leiderschapsstijlen was hiervan een belangrijk onderdeel. Maar er werd ook getracht medewerkers te motiveren, bijvoorbeeld door successen te vieren en interne wedstrijden voor de beste werknemer te organiseren. Daarnaast werd ingezet op employer branding.

Klanten
Ook voor het verhogen van de klanttevredenheid is een strategie opgesteld. Hierbij heeft Carglass de focus gelegd op de klant het gevoel geven dat er meer gedaan wordt dan hij had verwacht. Dat heeft natuurlijk niet direct effect, maar alle kleine beetjes helpen om op lange termijn een hogere tevredenheid te realiseren. Bijvoorbeeld door vieze auto’s van klanten op te ruimen. Ook hier geldt: meten is weten. Daarom werd er elke week intern een rapport gedeeld met daarin de score van de klanttevredenheid op verschillende aspecten. Daarnaast is Carglass met online reviews gaan werken, zodat de tevredenheid van klanten zich zou verspreiden en het traditionele principe van mond-tot-mondreclame online zijn werk zou doen.

Aandeelhouders
Al deze strategieën hebben hun vruchten afgeworpen. Met een relatief klein budget is Carglass België in zo’n tien jaar tijd enorm gegroeid en top-of-mind bij klanten geworden én is de medewerkerstevredenheid enorm gestegen. Dat wordt natuurlijk ook erkend door de aandeelhouders van de wereldwijde Belron groep, waar Carglass onderdeel van is. Carglass België wordt door hen regelmatig naar voren gehaald als best practice voor andere bedrijven binnen de Belron groep. Een mooi voorbeeld dus van hoe je door consistent te focussen op medewerkerstevredenheid en klanttevredenheid een enorme groei in het bedrijfsresultaat kunt realiseren. Volgens Jean-Paul bestaat het grootste competitieve voordeel van een bedrijf dan ook uit het aandeel delighted klanten en delighted medewerkers.

Prof. Dr. Frans Feldberg: “Wie wordt de Uber van jouw sector?”

De presentatie van Frans mogen we helaas niet delen
De laatste spreker tijdens de BouwKennis Jaarbijeenkomst op 20 september in theater de Kom in Nieuwgein was professor Frans Feldberg, hoogleraar data-driven business innovation aan de VU Amsterdam. Zijn presentatie met de titel ‘Big Data en data-gedreven waardecreatie: valt er nog iets te kiezen?’ nam de bezoekers mee in de enorme mogelijkheden van big data. Een eye-opener voor veel aanwezigen en een fascinerend inkijkje in de wereld van data.

De ironie ontging Feldberg niet: zijn auto begaf het op weg naar de Jaarbijeenkomst, een technisch probleem op een dag dat hij over technologische ontwikkelingen ging spreken. Want dat op het gebied van data grote ontwikkelingen gaande zijn, liet Feldberg wel zijn via een aantal krantenkoppen aan het begin van zijn presentatie. Bedrijven zoals Shell die hardware delen maar geen data, de rol van data bij het bestrijden van ziektes zoals kanker, een koe die tegenwoordig aan 400 datapunten gelinkt kan worden: data is overal. Bedrijven als Apple, Alphabet (moederbedrijf van Google), Microsoft, Amazon en Facebook vormen volgens The Economist de top vijf van grootste marktwaarde, waar dat tien jaar geleden nog oliegiganten waren. Data is dan ook de nieuwe olie, aldus dit blad. Feldberg hield de zaal voor: wie concurreert met deze datareuzen? Amazon bezorgt bijvoorbeeld niet alleen pakketjes, maar is ook actief in de gezondheidszorg en op het gebied van vastgoed, de voedselindustrie, technologie, online media, muziek en cloud computing. Amazon is bijna overal!

Big data: volume, variety en velocity
De presentatie van Feldberg is in drie stukken ingedeeld: wat is er veranderd, waarom zijn die veranderingen belangrijk en hoe kan je als organisatie waarde creëren met big data. In het deel over de veranderingen gaat hij eerst in op drie kenmerken van big data: volume, variety en velocity. Vaak denken mensen bij big data alleen aan het volume, zo vertelt de hoogleraar. Er wordt meer data gegenereerd door apparaten dan door mensen, hoewel velen bij big data denken aan wat bijvoorbeeld een partij als Facebook over ons verzamelt. Met variety bedoelt Feldberg dat er onderscheid wordt gemaakt tussen gestructureerde en niet-gestructureerde data. Bij gestructureerde data kan je betekenis ontleden aan de manier hoe deze zijn opgeslagen. Velocity staat voor de snelheid en het tempo waarop data exponentieel toeneemt. Wanneer deze drie kenmerken aanwezig zijn, is volgens Feldberg sprake van big data; data die traditionele technologie niet meer kan verwerken.

Data op detailniveau
Hierna bespreekt Feldberg nog een aantal belangrijke aspecten van big data. Zo is granularity belangrijk: het niveau van detail waarop we data hebben. Waar tien jaar terug bij gemeenten bijvoorbeeld data op stadsniveau aanwezig waren, zijn er tegenwoordig data op straat-, huis- en persoonsniveau voorhanden. Die data zijn niet langer alleen in bezit van een gemeente, maar ook van fabrikanten, startups of sociale media. Werk daarom samen, want je kan dit alles niet meer in je eentje bolwerken als organisatie, aldus Feldberg.

Een ander aspect wat behandeld werd is het ‘unintentional’ gebruik van data. Zelfs al leg je in een privacyovereenkomst vast waarvoor je data wil verzamelen en gebruiken, de kans is groot dat het voor hele andere doeleinden toegepast wordt. Zo draaien op Facebook algoritmes (die wellicht niet eens van Facebook zelf zijn, aldus Feldberg) die op basis van likegedrag voorspellen hoe groot de kans is dat iemand gaat scheiden binnen een half jaar.

De zes d’s
Waarom is het belangrijk dat deze veranderingen er zijn? Feldberg geeft in zijn keynote zes redenen.
• Digitized: Data wordt uiteraard met name online en in digitale vorm verzameld en geanalyseerd.
• Demonetized: Geld verdwijnt steeds vaker uit de vergelijking. We betalen bijvoorbeeld al niet meer voor sms-diensten, muziek is (deels nog) gratis te downloaden.
• Dematerialized: Er zijn steeds minder apparaten nodig om data om te zetten.
• Democratized: Doordat in theorie iedereen data kan verzamelen en analyseren, kunnen grote bedrijven zoals verzekeraars op termijn gedwongen worden om tot bepaalde afspraken te komen over prijzen voor hun producten. Als uit data blijkt dat product X een bepaald bedrag waard is en je vraagt er meer voor, dan dwingt de markt je naar een ander prijsniveau.
• Deceptive: De veranderingen gaan zo snel, je kan je niet meer voorstellen wat de volgende stappen zullen zijn. Dit heet Moore’s Law.
• Disruptive: Feldberg illustreert dit aan de hand van een voorbeeld. Ga je straks naar de huisarts als je klachten hebt of naar een bedrijf als pakweg Philips dat zoveel data heeft over de gezondheidszorg en je wellicht efficiënter kan helpen? Wie gaat dit soort markten domineren, wie heeft de data in huis?

Volgens Feldberg ontstaan er volgens de bekende Amerikaanse managementconsultant Peter Drucker zo drie typen bedrijven: companies that make things happen, companies that watch things happen en companies that wonder what happened. Een vraag aan het publiek: tot welk type bedrijf wil je behoren?!

Valt er nog wat te kiezen?
In het laatste deel wordt ingegaan op de vraag hoe je als organisatie dan waarde kan creëren met data. Dat kan op verschillende manieren volgens Feldberg. Gebruik data om je businessmodel te verbeteren of om te innoveren. Door nieuwe data te verzamelen, ontstaan nieuwe inzichten en ontstaat nieuw gedrag. Zo verbeter je een bestaand businessmodel. Ook is het mogelijk om op basis van data een compleet nieuw businessmodel te maken.

Belangrijke takeaway is volgens Feldberg dat organisaties zich af moeten vragen wie de klantrelatie overneemt als er nieuwe businessmodellen ontstaan. Wie wordt de Uber van jouw industrie of sector? Praat een klant straks met jou als je bijvoorbeeld cv-ketels of warmtepompen produceert of met de maker van een slimme app die het klimaat in huis regelt (en daar de data over heeft)? Het zal gaan om samenwerken met partijen die data hebben die jij niet bezit of kan analyseren. Geen enkele organisatie kan zichzelf nog overeind houden in dit tijdperk van data.

Valt er dus nog wat te kiezen? Heel veel! Een ding is zeker: als je als organisatie geen keuzes maakt in hoe je omgaat met big data, verander je in een ‘company that wondered what happened’. En dat wil je niet!